Een instabiele schouder, schouderluxatie

"Onze schouder is het meest beweeglijke gewricht van ons lichaam, maar wordt hierdoor relatief vaak door instabiliteiten of zelfs een luxatie (ontwrichting) getroffen."

Instabiliteiten van het schoudergewricht kunnen meerdere oorzaken hebben. Soms zijn deze aangeboren (hypermobiliteit) en gaat het om een habituele instabiliteit, soms bestaat een blessure met schade aan het kapsel-bandapparaat van de schouder (traumatische instabiliteit).

Bij een habituele instabiliteit heeft de kop van de schouder teveel “speelruimte” in het gewricht (bijvoorbeeld bij hypermobiliteit door zwakke, extreem flexibele banden en pezen). Hierdoor kan de schouder -ook zonder geweld, soms bij onschuldige bewegingen- ontwrichten (luxeren).

Bij een traumatische instabiliteit ligt een ongeval als eerste oorzaak voor, vaak is hierbij de schouder uit de kom geschoten en ontstaat schade aan het kapsel-bandapparaat, Labrum, gewrichtskom of schouderkop. Deze vorm wordt vaak gezien bij zwaar lichamelijk werk, contactsport (gevaar van een val of trauma). In 90% van de gevallen gaat het om een luxatie naar de voorkant (anteriore luxatie).

Bij personen waar de schouder regelmatig luxeert, kunnen relatief weinig pijnklachten bestaan. Er bestaat echter het gevoel dat de schouder “eruit wil springen” bij bepaalde bewegingen, in het bijzonder bij bewegingen boven het hoofd of naar achteren.

 

CONSERVATIEVE THERAPIE:

Habituele instabiliteiten kunnen in 75% van de gevallen conservatief behandeld worden. In het bijzonder bij jonge Personen (zeker na een traumatische luxatie!) dient echter altijd een MRI gemaakt te worden om te kijken of bepaalde kapsel-bandstructuren beschadigd zijn. In dit geval, is een operatie vaak noodzakelijk. Indien het bij een eenmalige gebeurtenis blijft, zonder instabiliteitsgevoel, kan verder afgewacht worden.

Een conservatieve behandeling bestaat uit een intensieve fysiotherapie en pijnbestrijding. Het is noodzakelijk om de stabiliserende Spieren van de schouder te trainen, hierdoor komt de schouderkop centraler (en stabieler!) in de kom te staan.

 

OPERATIEVE THERAPIE:

Een operatie KAN doorgevoerd worden, bij aangetoonde schade aan het bandapparaat van de schouder, of bij herhaalde luxaties en instabiliteit, met name bij jonge personen die sportief zijn of nog “vol in het arbeidsleven staan”.

Vaak wordt een dergelijke operatie middels artroscopie doorgevoerd (kijkoperatie), soms echter ook over een wisselsnede. Bij de operatie worden de beschadigde delen van kapsel en banden gehecht, soms met het opnieuw aanhechten van pezen en banden op hun aanhechting aan het bot (SLAP-Repair, Bankart-Refixatie). Dit gebeurt met een klein (kurkentrekker-achtig) plugje wat in het bot wordt ingebracht, waaraan hechtdraden verbonden zijn, die door de aan te hechten structuur gevlochten wordt.

 

NA EEN OPERATIE:

Afhankelijk van de soort operatie, de procedure wordt de schouder vaak gedurende 3 – 6 weken na de operatie geimmobiliseerd. Nadat kapsel en pezen genezen (weer vastgegroeid) zijn, volgt een bewegings- en belastingsopbouw door middel van fysiotherapie. Na 6 weken is het mogelijk, om de schouderspieren weer actief te trainen. Met (contact)Sport of Sport met risico op vallen (wielrennen, fietsen, skien) mag na 6 maanden weer begonnen worden.

Orthopedie Neuenhaus

Bel ons

+49 5941 9898580

Mail ons

praxis@orthopaedie-neuenhaus.de

Praktijklocatie

Haupt Straße 43
49828 Neuenhaus
Duitsland

Neem contact met ons op

©2019-2020 • Orthopädie Neuenhaus

Impressum  •  Datenschutz  •  Log In